Gebiedswerking Kortrijk sterft stille dood?

Op de website van de stad kan je het volgende lezen over de gebiedswerking:

Het stadsbestuur zet zwaar in op gebiedswerking, een werkvorm die ervoor moet zorgen dat het beleid nog beter maatwerk aflevert. Hiervoor zijn Kortrijk en de deelgemeenten opgedeeld in 17 gebieden. De gebiedswerkers en de gemeenschapswachten vormen het gezicht van de gebiedswerking. Zij spelen de rol van tussenpersoon, netwerker, onderzoeker,… Maar ook jij, als inwoner van het gebied, krijgt een belangrijke rol toebedeeld. Bijvoorbeeld door je zeg te doen in de plannen voor de heraanleg van het wijkgroen, door een straatfeest op te zetten,…

De gebiedswerking is een logisch vervolg op de wijkontwikkeling en het buurtwerk van vroeger. Daar waar deze vormen van lokale werking zich eerder focussen op probleembuurten, beslaat de gebiedswerking het hele grondgebied, van Heule tot in Kooigem.

Ik sta positief tegenover gebiedswerking als concept. En net daarom ben ik erg bekommerd over de huidige gang van zaken. Immers, in de praktijk zien we dat het stadsbestuur één van de grote prioriteiten uit het eigen meerjarenplan niet volgt, nl. “gebiedswerking systematisch doorvoeren”.

Zoals er op de website van de stad te lezen staat moet het systeem van gebiedsgericht werken het volledige grondgebied beslaan. Vandaag zijn er 9 gebiedswerkers en ook een aantal gebieden waar er helemaal geen gebiedswerking is. Heule centrum bijvoorbeeld, of het centrum van Kortrijk, de Marionetten, Pius X … Hebben deze gebieden dan geen recht op maatwerk? Hebben de bewoners van deze gebieden dan geen rol in het verhaal, geen inspraak? Het (doelbewust) halfslachtig uitbouwen is een bedreiging voor de gebiedswerking in haar geheel.

Blijkbaar gelooft niet iedereen in het concept van gebiedsgericht werken. Willen de verschillende schepenen liever de pluim op eigen hoed? Het valt op dat bvb schepen Leleu er in slaagt om de eigen bevoegdheden (mobiliteit, Parko en publiek domein) helemaal buiten de gebiedswerking te houden. Het systeem gebiedswerking vertrekt van territoriale invalshoek die over alle domeinen (en dus schepenen) heen gaat. Iedereen moet dus mee willen: politiek, ambtenaren en bevolking. Aan die laatste zal het zeker niet liggen. De bevolking is klaar voor degelijke inspraak en participatie.

Het verhaal van de gebiedswerking zit vol vreemde kronkels. Één er van is de koppeling tussen gebiedswerking en ontmoetingscentra(OC’s).Het is goed dat de gebiedswerking gelinkt is aan een ‘gemeenschapscentrum’, maar niet noodzakelijk aan een cultuurcentrum. Dat wil niet zeggen dat er in die centra geen plaats is voor een culturele invulling. Enkel voor Marken en Heule is een koppeling mat het cultuurcentrum een meerwaarde. De andere zijn gemeenschapscentra met een brede maatschappelijke opdracht voor de lokale bevolking en horen niet thuis onder paraplu van het cultuurcentrum Kortrijk. Wel bij de gebiedswerking. En dan moet je een ander soort beheerscomité hebben, eentje dat niet alleen uit afgevaardigden van de culturele verenigingen (en de politiek) is aangeduid.

Er zijn twee schepenen die bevoegd zijn voor gebiedswerking – voor het gemak één voor de oude stad en één voor de rand, anders begrijp ik dat niet – en nog één voor Cultuur en nog een OCMW-voorzitter. Kortom, een half schepencollege voor 9 medewerkers en wat kleingeld. De echte reden schuilt in het wantrouwen dat heerst tussen die leden van het schepencollege. Wie stuurt wie aan? En met welke doelen?En daarbij hoort de kwaal van de politieke recuperatie. Kijk maar eens welke schepenen het woord voeren op open volksvergaderingen … het lijkt wel hun politieke privé-speelterrein. Of zijn het toch wijkburgemeesters?

Gebiedswerking moet de stem des volks naar het beleid brengen, is het niet? En niet omgekeerd. Politici moeten hier een ‘gepaste terughoudendheid’ aan de dag leggen. Maar ze kunnen het niet. En als ze al eens afwezig zijn, moet de gebiedswerker na de vergadering alleszins opbellen om verslag uit te brengen over wat er allemaal gezegd is. En, in welke mate houdt het beleid rekening met de stem van het lokale volk? Daar wordt niet echt lyrisch over gedaan, integendeel.

En hier komt ook een ander probleem naar voor. Welke mandaat of bevoegdheid hebben de gebiedswerkers? Is een gebiedswerker een dienaar van de belangen van de stedelijke organisatie en de politiek of een dienaar van de bevolking van het betreffende gebied? In de praktijk lopen de twee rollen door elkaar. Maar wat dan als een gebiedswerker geconfronteerd wordt met een standpunt dat het stadsbestuur niet zint? Aan wie rapporteert die dan? Wie moet worden gevolgd? Het leidt tot rolverwarring en onduidelijkheden, die niet opgeklaard worden. Gebiedswerkers geraken zelf in een lastig parket. De logische oplossing is de gebiedswerking meer autonomie geven …

We zien dan ook een bijzonder snel personeelsverloop. De ploeg is in drie jaar onophoudelijk en grondig gewijzigd, en zowat iedereen heeft al meer dan voor één gebied gewerkt. Je mag gerust van een stoelendans spreken. Continuïteit ontbreekt. Dat heeft nog belangrijke gevolgen: het vertrouwen van de burgers in de gebiedswerking daalt en het werkt de ambities van de gebiedswerking zelf tegen. Het verloop zaagt als het ware de tak door waar de gebiedswerking op zit.

Daarom volgende voorstellen:

1. Maak keuzes welke gebieden de gebiedswerking structureel moet ‘coveren’ en kies gericht voor acties. Motiveer beter waarom er verschillen zijn in aanpak tussen de verschillende gebieden.

2. Vergeet zeker Heule niet. Er zijn daar een paar zeer belangrijke dossiers: de Heerlijke Heulebeek en de herbestemming van de N50c.

3. Ondersteun de gebiedswerkers beter: werf mensen voor de opengevallen plaatsen, voorzie een betere ondersteuning, vermijd de massa overuren,  en het personeelsverloop.

4. Organiseer in de deelgemeenten en de wijken ‘dorpsoverleg’ en ‘wijkoverleg’. Ik bedoel open vergaderingen waarop elke gemeentenaar welkom is en die uiteenlopende voorstellen en adviezen kan overmaken aan het bestuur. Die kunnen veel vormen en gedaanten aannemen. Laat die ondersteunen via de gebiedswerkers. Informeer de bevolking massaal via de  info-flash, dorpskranten, buurkranten, led-walls en dorpswebsites.

5. Het gemeentedecreet voorziet de mogelijkheid om met ‘wijkbudgetten’ te werken. Bewoners moeten beschikken over middelen voor participatie, gebiedswerkers kunnen het overleg ondersteunen. Wijkbudgetten zijn sommen geld die toegekend worden aan de inwoners van een wijk of straat om hun buurt te verfraaien (een zitbank, plantjes om de huisgevels te bekleden of een verkeersdrempel leggen, een cultureel evenement op poten zetten. Er bestaat nog veel koudwatervrees om beslissingen aan burgers over te laten. Het zou mooi zijn mocht de stad een experiment willen opzetten.

6. Zorg ervoor dat wat de bevolking in de gebieden signaleert, ook echt doordringt in het stadsbeleid en omgezet wordt in beleidsdaden. Politici, stimuleer en valideer het burgerinitiatief. Luister naar de mensen, en zwijg zelf een beetje. Stop de al te snelle politieke recuperatie. Ge staat genoeg op de foto.

7. Geef de politieke verantwoordelijkheid voor gebiedswerking aan één schepen. Stop het wantrouwen en de politieke machtsdeling. Ze werkt contraproductief.

8. Denk na over de balans cultuur – gebiedswerking, het zijn twee verschillende werelden.
Gebiedswerking vertrekt best vanuit ‘gemeenschapscentra’, dienstverlenende organisaties, in een infrastructuur waarin verschillende diensten zijn ondergebracht (burgerlijke stand, politie, bibliotheek, OC …).

9. Koppel het beheer van de infrastructuur van de OC’s en gemeenschapscentra los van de inhoudelijke (gebieds)werking. Zoek een oplossing voor de superstructuren van de beheerscomités van het OC en de vzw Ontmoetingscentra.

10. Geef autonomie aan het team Gebiedswerking. Breng de ambtelijke aansturing van de gebiedswerking onder in een aparte stedelijke dienst (of in een stafdienst of transversale cel). De werking waar dan ook, in Sente, Kooigem, Rollegem of Bellegem moet helemaal niet onder de vlag van burgerzaken of van cultuur (CK) gebeuren.

11. De band met cultuur (voor werking, infrastructuur en personeel) is enkel zinvol voor de OC’s De Vonke en Marke. Daar is een beperkte dubbele aansturing nog zinvol.

12. Hoe komt het dat in de gebiedswerking de openbare werken en de verkeersveiligheid zo afwezig zijn? Nochtans zijn dat thema’s die mensen beroeren? Ik zou graag hebben dat de bevoegde schepen volop meedoet, in plaats van alles op eigen houtje te doen.

Advertenties

Een gedachte over “Gebiedswerking Kortrijk sterft stille dood?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s